EN 13480, voor leidingsystemen in de voedingsmiddelen industrie


Algemene eisen, materiaalwerkstoffen, realiseren en beproeven.

De EN-13480 heeft zich in heel Europa gevestigd als een geharmoniseerde norm in de bouw van metalen industriële leidingsystemen voor elektriciteitscentrales en procesinstallaties. Deze norm is van toepassing voor iedereen die zich bezig houdt of werkt met leidingen voor de genoemde toepassingen en is direct gekoppeld met de PED (Pressure equipment directive). De norm kan zowel voor cryotech als voor conventionele pijpleidingen worden gebruikt.
De EN 13480 bestaat uit vijf delen die zich bezighouden met verschillende onderwerpen. Zie button onderaan tekst.

Voor uitvoering is de gewenste beproeving vastgelegd in de PED en is afhankelijk van de toepassing en maximaal toelaatbare druk. De vereiste beproeving is zichtbaar in onderstaand overzicht.

Benamingen voor leiding onderdelen
Voor de materialen die gebruikt worden, maakt men een onderscheid in materialen en componenten.

Materialen:
Dit is de benaming van alle toegepaste buizen, fittingen en verbindingen die niet voldoen aan de geharmoniseerde normen die gekoppeld zijn aan de PED middels EN13445. Omdat niet aantoonbaar is dat men onderdelen gebruikt die aan de PED gekoppeld zijn, moet men de keuze verantwoorden. Dit kan met onderbouwende verklaringen, testen of berekeningen.

Componenten:
De onderdelen die wel geproduceerd zijn volgens de gekoppelde geharmoniseerde normen, worden componenten genoemd. Wanneer dit aantoonbaar is middels het juiste 3.1 certificaat, behoeft het geen verdere verantwoording. Het certificaat bevat de noodzakelijke informatie. Het betreft dan een 3.1 component certificaat. Hierop staat de betreffende norm vernoemd, de uitvoering en de testgegevens van de vereiste testen.

De geharmoniseerde normen die aan de PED gekoppeld zijn volgens EN13445 zijn onderverdeeld per materiaal en type component. De opsomming voor de gekoppelde leiding componenten in RVS is:
Naadloze buis: EN10216-5
Gelaste buis: EN10217-7
Lasfittingen: EN10253-4
Flenzen: EN1092

Zoals je ziet zijn dit normen voor industriële (niet hygiënische) leiding onderdelen.
Voor de hygiënische leiding componenten ligt het traject anders, omdat deze normen niet direct gekoppeld zijn aan de EN13445. Je moet dus aantoonbaar maken dat er toch een verbinding is met de betreffende normen.
Maar dat is nog niet mogelijk, omdat de betreffende normen nog geen EN normen zijn. Het betreft meestal landsnormen zoals de DIN of BS normen.
Het is dus vooral zaak om de traceerbaarheid goed geregeld te hebben met een link naar het betreffende certificaat. Per leiding component kan dat anders zijn. Daarbij komt ook dat het gebruik van certificaten in de voedingsmiddelen industrie nog niet vanzelfsprekend is en het vaak lage drukken betreft. De noodzaak is kleiner.

Materiaaleisen:
De eisen die voortkomen uit de PED en gekoppelde EN13480 normen bestaan uit de vereiste testgegevens en vooral de uitvoering van de diverse componenten.
Deze eisen voor de uitvoering zijn dat buizen waarvan de hoek van de ronding binnen een bepaalde waarde vallen, gegloeid moeten zijn. Buizen t/m DN125 (129x2) vallen binnen deze eis. Daarboven niet.
Voor bochten geldt dat bochten met een radius kleiner dan 1,3 x de diameter ook gegloeid moeten zijn. In de Praktijk komt dat neer op een aantal maten. Zie de overzichten van de divers maatreeksen.
Voor de uittrekking van een T-stuk of vervorming gelden boven op de eisen voor de wanddikte afwijkingen, geen extra eisen. Voor de diverse soorten verbindingen (koppelingen, flenzen en clampdelen) geldt, dat ze gemaakt moeten zijn van gesmeed voormateriaal.
Per onderdeel is de situatie:

Buizen:
Hiervoor bestaat de norm EN10357. Dit is de actuele Europese norm en die is gekoppeld aan de EN10217-7. De gegloeide buizen worden aangeduid met de code BC. Men kan aanvullend nog aangeven of men blankgegloeid of gegloeid gebeitst wenst. Dan moet men de code uit EN10217-7 toevoegen. W2Rb voor blankgegloeid en W2Ab voor gegloeid gebeitst. De W2Ab is beter corrosiebestendig.

Lasbochten:
Omdat er nog geen EN norm is voor hygiënische lasbochten, worden momenteel de Duitse (mm maten) Britse (duimse maten) en ISO normen (SMS) toegepast.
Er zijn weinig producenten die een 3.1 component certificaat beschikbaar hebben. Meestal krijg je een certificaat van het voormateriaal. Hier staat dan de toegepast buis op en kan je nagaan waar die aan voldoet. In alle gevallen moet je zelf de toepasbaarheid in een PED systeem onderbouwen. Let hierbij op de informatie over samenstelling, uitvoering (gloeien) en testresultaten (trek-, corrosie- of lekproef). In de EN13480-4 staat de formules om de toepasbaarheid te onderbouwen.
Bij het berekenen moet je rekening houden met de genormeerde tolerantie op de wanddikte in het vormgebied van 25%. In- en uitwendig geslepen materialen kunnen nog meer afwijken. Dit wordt niet gedefinieerd en zijn daarom niet aan te raden.

T-stukken:
Hiervoor geldt hetzelfde als bij de bochten. Er zijn leveranciers die drukproefverklaringen voor de T-stukken kunnen leveren. Vraag uw leverancier. Bij het berekenen moet je rekening houden met de genormeerde tolerantie op de wanddikte van 25%. In- en uitwendig geslepen materialen kunnen nog meer afwijken. Dit wordt niet gedefinieerd en zijn daarom niet aan te raden.

Lasverlopen:
Net zoals bij de T-stukken geldt hier ook hetzelfde als bij de lasbochten. Hier zijn echter geen drukproefverklaringen voor handen. Verlopen worden vaak gemaakt uit iets dikkere buizen om toch tot de gewenste wanddikte te komen. De tolerantie op de wanddikte mag toch +/- 40% zijn. Dus let daarmee op bij de berekeningen.

Verbindingen:
Onder verbindingen verstaan we de schroef-, flens- en clampverbindingen die alles toegepast worden binnen de hygiënische toepassingen. Voor deze onderdelen is het eigenlijk heel makkelijk. In de diverse normen wordt al aangegeven dat de delen van gesmeed voormateriaal geproduceerd moeten worden. (Er is ook een goedkopere gegoten kwaliteit in de markt ondanks deze verplichting)
Daarnaast is in het overzicht van de diverse uitvoeringen en maten ook aangagegevn wat de maximale druk is. Vaak is dit t/m DN40/1.5” 40 bar, DN50-100/2”-4” 25 bar en daarboven 10 bar.